
Ik tuurde naar het bed van Liesl. Ze lag als een eilandje in het veel te grote ledikant. Naast haar lag de grijze flodderjurk. Ze had de mouwen boven de dekens gelegd, als een spook zonder hoofd. Het klinkt misschien vreemd, maar voor het eerst vroeg ik me af wie Liesl eigenlijk was. Waarom woonde ze niet meer bij haar ouders? En waarom was ze in het holst van de nacht vanuit Duitsland naar onze stad gehaald? Dit alles riep bij mij visioenen op van De Hemel Van Heivisj.
Zuid Limburg, 1938. Fings droom is zojuist in duigen gevallen. In plaats van dat ze mag doorleren voor onderwijzeres, moet ze gaan werken bij de Sigarenkeizer. Het werk stelt niet veel voor: ze wordt oppas van Liesl, het eigenaardige nichtje van de vrouw van haar baas. Maar dan breekt de Tweede Wereldoorlog uit en Liesl blijkt in groot gevaar. De enige die haar kan helpen is Fing. Als het noodlot onafwendbaar lijkt, krijgt Fing op wonderbaarlijke wijze hulp. Niet van mensen maar van een mijnpaard genaamd Heivisj en een stokoude linde. Zal de redding uit de hemel van Heivisj op tijd zijn?
De Hemel Van Heivisj is het bloedspannende, zelfstandig te lezen vervolg op Negen Open Armen (Gouden Zoen 2005). Het verhaal van De Hemel Van Heivisj neemt de lezer mee naar een wereld van avontuur en gevaar.
